Getest: groene couscous

Kortgeleden kreeg ik zomaar ineens het kookboek Spicy,  De West-Kruiskade kookt cadeau. Een schot in de roos! Ik ben gek op koken, op eten, op kookboeken en dan vooral met veel plaatjes en  ook nog eens op Rotterdam. De West-Kruiskade is een straat in het centrum van Rotterdam die met recht kleurrijk genoemd mag worden. En dan refereer ik aan de koopwaar, de mensen en de sfeer. In dit boek leer je een aantal van de eigenaren van de vele winkeltjes kennen aan de hand van hun favoriete gerechten van over de hele wereld met dito ingrediënten, en die zijn dan allemaal op de West-Kruiskade te vinden. Superleuk, vooral als je net als ik er regelmatig te vinden bent.

Ik vind het heerlijk om in kookboeken te bladeren. Ik kan daar helemaal in wegdromen. Ik proef hoe het zal smaken en zie hoe het er allemaal uit komt te zien. Of kan komen te zien. Want vaak lijkt wat ik op mijn bord tover in de verste verte niet op de prachtige creaties zoals ze in de boeken (of op de pakjes en potjes) staan. Soms is een recept ook gewoon raar. Wat ik dus heb gedaan, is zomaar een recept uit het boek pikken en het gaan klaarmaken. Kijken of het zo lekker wordt als in mijn hoofd, of het recept een beetje klopt en hoe het er uit ziet als een leek als ik het maakt. Is het boek dan dus de aanschaf waard?

Ik kies voor Groene Couscoustaart. Ik vind couscous lekker, het is een goed recept voor snelle doordeweekse maaltijden en ik heb sinds kort een oventje na jaren gemis, dus deze ovenschotel met spinazie en gehakt gaat de vuurdoop krijgen! Er gaat verder nog ei, parmezaanse kaas, crème fraîche, paprikapoeder, knoflook en ui en basilicum doorheen en wat belegen kaas overheen. Het gerecht heeft geen ingewikkelde technieken en komt eigenlijk neer op knoflook en ui hakken en met gehakt bakken, couscous koken, de hele boel mengen, op smaak maken, bestrooien met kaas en in de oven schuiven. Kind kan de was doen!

Maar terwijl ik aan de slag ga, denk ik: 150 gram spinazie? Dat is toch niks? Daar blijft niks van over! Die couscous wordt daar echt niet groen van. Plus, het is een gerecht voor vier personen. Dat is misschien ongeveer vier blaadjes spinazie per persoon wat je dan overhoudt. Dat moet wel een foutje zijn? Ook heb ik aan het einde van het recept ineens basilicum over. Daar wordt niks meer over gezegd, dus ik strooi het maar over de schotel heen. Daarnaast heb ik een romatomaat in plakjes gesneden over de schotel verdeeld, want: die had ik toch liggen en het geeft het gerecht een beetje kleur. Want groen, dat is het inderdaad niet geworden!

Eenmaal uit de oven zit het er best mooi uit:

Er zijn wel wat tomaatstukjes zwart geworden. Oeps, volgende keer eventjes wat folie erover. En de smaak dan: die is mild. Ik proef goed wat er allemaal inzit, maar het is geen smaakbeleving waar ik steil van achterover sla. De melige couscous blijft de boventoon voeren. Gek, met twee soorten kaas erdoor! Ik mis wat meer groenten, wat body, een pittige nooit. En qua kleurenpalet is het ook niet heel spannend. Vier personen kan ik hier niet van voeden ook. Misschien twee dames aan de slanke lijn en hun denkbeeldige dikke ik erbij… (ik geef toe, ik ben gewend te schranzen. Blame the momma).
Een dwarsdoorsnede... en mijn keukentje

Is dit gerecht dus een totale flop? Nee, zeker niet. Het is makkelijk en snel te maken, wat altijd fijn is. Ik ben niet van veel stappen en ingewikkelde technieken. Je doet er wel goed aan om er lekker veel groenten en/of een salade bij te serveren. Dan is het een prima hoofdmaaltijd die toch weer eventjes iets anders dan normaal is. Het is ook vrij goedkoop te maken met restjes en dingen die je toch in de keukenkast hebt staan (aka #keukenkastcookings). Pittig of erg gekruid is het echter niet, en dat verwacht je wel van gerechten uit dit boek. Ik vind het vooral een basisgerecht, die je dan zo spannend als je zelf wilt kunt maken. De tomatenschijfjes die ik bovenop de kaas gelegd heb, houd ik erin. Sterker nog, een flink tomatendak met  peper en zout erover maakt dat de kaas eronder smeuiig blijft. Lijkt me prachtig met verschillende kleuren tomaten. Dan wel even opletten dat de boel niet zwart wordt, en anders de helft van de tijd de schotel afdekken met aluminiumfolie. Lijkt me ook lekker met geitenkaas ipv belegen kaas. Of om het helemaal Italiaans te maken zou ik er ipv crème fraîche, ricotta doorheen doen. En nog wat pijnboompitten erover strooien. Misschien nog wat chilipeper erdoor voor wat pit. Of je maakt het Midden-Oosters met gedroogde vruchten, ras-al-hanout en amandelschaafsel en koriander ipv basilicum. Mij inspireert het boek in ieder geval, en dat is nou precies wat ik van een kookboek verwacht. Spicy mag blijven en ik test vrolijk verder!

Spicy, De West-Kruiskade kookt//Irene de Vette//Uitgeverij Trichis//ISBN 978 94 90608 63 7

 

Foodbloggen ja/nee

‘Jij moet echt iets met schrijven doen!’ Iets wat ik heel vaak heb gehoord. Vooral toen ik drie weken in Afrika zat, internet net had ontdekt en iedereen per ellenlange mails op de hoogte hield van alle (bizarre) dingen die ik meemaakte. Voor mij was het een soort dagboek, maar na één mail zouden ze het vast en zeker zat zijn, dacht ik toen. Niks was minder waar. Ik kreeg steeds meer verzoekjes om updates. Ik zou een talent hebben. Nu dacht ik zelf dat het vooral ging om het talent voor belanden in bizarre situaties, het aan de stok krijgen met rare mensen en gewoon verzeilen in Murphy’s Law momenten. Maar schrijven bleek ik ook te kunnen en mensen wilden het nog lezen ook. Fantastisch! Via op verzoek verjaardagsboodschappen, liefdesbrieven, gedichten, verslagen, artikelen en smsjes schrijven begon ik te bloggen. Iets wat nog steeds fantastisch en verslavend is. Een ieder die ooit maar een letter van mij heeft gelezen en helemaal diegenen die de moeite nemen (on- en offline) commentaar te geven: bedankt!!

Nu is er iets waar ik, naast slapen, overdrijven en dus schrijven, echt heel erg goed in ben. Dat is eten. Ik droom over eten, ik denk constant aan eten, ik plan van alles om eten heen, ik maak tig lijstjes met boodschappen just for fun, ik fotografeer mijn uitspattingen, mijn keukenkastjes puilen uit van de voorraden van werkelijk alles dat er op de wereld te vinden is, ik heb stapels kookboeken, alle edities van AllerHande vanaf 2002, tig knipsels, printjes, bookmarks, receptenkaarten, magazines…en ik denk dat ik ook best wel kan koken.

‘Jij moet echt iets met foodbloggen doen!’ is wat ik nu vaak hoor. En dan denk ik: JA! NEE! WEET NIET….MEH.

JA, want:
– ik vind het gewoon heel leuk om te koken en het erover te hebben en zie het bij anderen ook graag
– ik maak nu ook al foto’s die ik, of je het wil of niet, het internet op slinger
– ik hoor dus vaak dat men dat wil en leuk vindt (en als jullie tegen mij liegen: dat is dan dus niet mijn schuld, hè!)
– eten hoort nu eenmaal heel erg bij mij, dus waarom niet ook op de blog?
– ik eet heel veel. Ik kom op heel veel plekken. Misschien kan ik nog iemands leven redden met een tip waar niet te eten/kopen (je moet je doelen soms hoog stellen)
– daarom heb ik ook de ambitie om de hashtag #keukenkastcookings trending en superpopijopi, uitnodiging-bij-de-wereld-draait-door-en-Oprah-als-ze-nog-shows-deed-waardig te maken. Ik kook als ik zelf iets moet verzinnen namelijk vooral met de dingen die ik al in huis heb. Omdat ik soms (bijna nooit, want ik houd ervan) geen zin heb om naar de supermarkt te gaan. En omdat ik toch al ontzettend veel in huis heb. Dat levert soms……eh, aparte gerechten op. Inspiratie, bedoel ik!

NEE, want:
– ik heb geen fototoestel. Nooit gehad. Gaat ook niet veranderen. Want ik ben niet zo geïnteresseerd in (echte) fotografie en ik kan toch geen toestel betalen. Het is een beetje een ‘de kip en het ei’ verhaal: ik weet niet welke reden er eerder was, maar ze zijn er nou eenmaal allebei.
– wie wil nou weten wat ik waar, wanneer at? Er zijn zoveel belangrijkere dingen om te delen
– de foto’s die ik maak zien er niet uit. Omdat ik ze dus gewoon zo met mijn telefoon schiet. En omdat ik vaak niet zulke fotogenieke dingen eet
– er zijn al zoveel bloggers die het over eten hebben. Wat heb ik nou toe te voegen?
– ik heb geen zin om een heel blog over voedsel te starten en bij te houden en past het wel binnen ZoetZuur?
– ik heb geen geduld om van alles, met regelmaat, vast te leggen. Daarom werkte een echt dagboek bij mij ook nooit.

De conclusie:
Aan ja, nee, weet niet en meh voeg ik nu toe: fuck it. Ik ga het gewoon doen. Natuurlijk niet over de honderdduizendste manier om iets als spaghetti carbonara te maken. Wanneer ik er zin in heb. Geheel op eigen manier, met telefoonfoto’s met stoom en rommel erop. Smoezelig en plakkerig, maar lekker. Want dat is, net als ZoetZuur, gewoon zoals het leven is.